Ooit zat ik achter een boekenkraam met de Groningse dichter Jean-Piere Rawie, die zijn nieuwe bundel signeerde. Een dame aan de andere kant van de kraam pakte een exemplaar van de tafel, bladerde er lusteloos in en legde het terug, waarop de dichter haar vroeg of het haar soms niet kon bekoren. "Nee, antwoordde ze misprijzend, “Ik lees nooit vertaalde poëzie, maar gewoon in het Frans”.

Daar moest ik aan denken toen ik de eerste alinea's van het essay (oorspronkelijk Frans voor ‘proefballonnetje') van Baudet over Michel Houellebecq’s roman Sérotonine vluchtig scande. Het zou me niet verbazen als onze Jeune Premier Wellebek in diens moerstaal heeft verslonden. Echte intellectuelen lezen namelijk Frans. Of Baudet de roman echt begrepen heeft, is een andere kwestie. Wie Thierry’s optreden in het Franse discussieprogramma Ce soir ou jamais bekijkt, ziet dat-ie aardig meekomt, maar als het er op aankomt toch het onderspit delft tegen een aantal native speakers, met een hoofdrol voor een Senegalese dame die hem verbaal alle hoeken van de studio laat zien. Denkelijk is dat Baudet’s makke: zo op het eerste gezicht lijkt allemaal heel wat, maar als het er op aankomt blijkt het een combinatie veel bluf, branie en zelfoverschatting te zijn. Daarom besloot ik maar niet verder te lezen in z’n essay’tje, waarin hij beweert dat-ie tegen abortus en andere vrouwenrechten is. Want: Houllebecq (die ik ook nog eens moet lezen, trouwens).  

Enfin.

Vervuld van ennui de lundi zocht ik in Google translate de Nederlandse vertaling van het woord Baudet op, en wat ik toen aantrof, zal je verbazen! Nou ja, misschien ook eigenlijk niet.