Vorige week had ik een afspraak in Het Mauritshuis. Ik was veel te vroeg dus liep ik  ‘even’ binnen bij de Tweede Kamer. Was ik nog nooit geweest, althans niet in de nieuwe Kamer. Er was natuurlijk niets te zien, want het was maandag en de Plenaire vergaderzaal was leeg, op een paar middelbare schoolklassen na. Die kregen een rondleiding door een mevrouw die zinnige dingen vertelde. Maar dat was aan een paar van die jongens - leeftijd rond de 14-15 - niet erg besteed. Eentje zat te klieren en werd er prompt uitgestuurd. Dus hij de gang op. Nou had ik het na een paar minuten ook wel gezien, dus ik ging weg en zag die jongen staan. Ik weet ook niet waarom, maar ik liep op hem af en zei: “Je mag weer naar binnen hoor”. Eerst twijfelde hij nog, maar toen klaarde zijn gezicht op en toen liep hij met energieke pas weer de zaal in.

Beneden bij de lockers trof ik een ontredderde mevrouw aan, en een beveiligingsbeambte die in een portofoon stond te praten. Ongevraagd vertelde de mevrouw me dat haar tas en jas uit het kluisje waren gestolen.
Dat vond ík nou eens een echte rotsteek.